Artikel 1:
De Goddelijke Rechtszitting
Overtreding van de wet leidt tot straf:
----- Het Nederlands Rechtssysteem -----
In Nederland geldt het Nederlands recht. Dit is weergegeven in wetten, regels en inzettingen in het Nederlands wetboek. En als ik in Nederland een wet overtreed, krijg ik straf. Bij lichte overtredingen krijg ik een bekeuring. Bij zware overtredingen krijg ik een taakstraf of een gevangenisstraf. Uitgangspunt is dat overtreding van de Nederlandse wet leidt tot straf.
Ook in Nederland is het zo dat wanneer ik de wet overtreden heb, al mijn goede daden die ik heb gedaan, geen invloed hebben op de strafmaat. Ik bedoel hiermee dat wanneer ik met tachtig kilometer per uur door de stad heenrijd en ik word gepakt, dat ik mijzelf niet kan beroepen op al mijn goede dingen die ik voor Nederland heb gedaan. Elke overtreding staat op zich.
----- Het Goddelijke Rechtssysteem -----
In Gods Koninkrijk geldt Gods recht. Dit is weergegeven in wetten, regels en inzettingen in de wet die God Almachtig aan Mozes gegeven heeft om Zijn volk Israël daarmee te leren. En wie er behoren tot dat volk Israël wordt hieronder uitgelegd onder de titel Israël: De eerstelingen; de ambassadeurs.
Uitgangspunt is dat overtreding van God’s wet leidt tot straf. (zie de overeenkomst met het Nederlandse Rechtssysteem)
Het verschil tussen de Nederlandse wetgeving en God’s wetgeving is echter dat de Nederlandse wet gedifferentieerde straffen toekent. Bij lichte overtredingen krijg ik een bekeuring. Bij zware overtredingen krijg ik een taakstraf of een gevangenisstraf.
In Gods Koninkrijk is dit niet zo. Overtreding van Gods wet kent maar één straf. En dat is de doodstraf. (Rom. 6:23). Of ik dit nu leuk vind of niet. Of ik dit nu eerlijk vind of niet. Of ik dit nu geloof of niet. Het is gewoon een feit.
Uitgangspunt is net als bij de Nederlandse wetgeving dat overtreding van Gods wet leidt tot straf. En net als in het Nederlands recht worden mijn goede daden niet meegenomen in het bepalen van de strafmaat.
----- De Rechtszitting -----
Zowel in het Nederlands Rechtssysteem als in het Goddelijk Rechtssysteem worden alle overtredingen van mij verzameld in een zogenaamd strafdossier. De Bijbel noemt dat ‘een lijst met aanklachten’. En die lijst met aanklachten is bij het Openbaar Ministerie (OM) in handen. En dit OM dagvaardt mij voor de Rechter om verantwoording af te komen leggen.
Wie zijn daar in die rechtszaal?
- Het OM (Openbaar Ministerie) in de persoon van satan is daar. Hij is de aanklager. (Job 1, Zach. 3);
- De Rechter is daar in de Persoon van God Almachtig
- Mijn advocaat is daar in de Persoon van Jezus Christus
- Ikzelf moet aanwezig zijn als beschuldigde, gedaagde; Ik heb de wet overtreden.
De meetlat waarlangs de inhoud van mijn strafdossier (‘de lijst met aanklachten’) wordt gelegd is de wet van God Almachtig die Hij aan Mozes had gegeven. En zoals geschreven: die wet kent maar één straf; de doodstraf; de eeuwige dood.
Die eeuwige dood is de claim die het OM (satan) op mij legt. De woorden van satan zijn duidelijk: Heb ik één of meer zonden bedreven, dan ben ik van hem. Satan klaagt mij aan bij God Almachtig (Zach. 3:1), en vraagt God om uitvoering van de straf die op die overtreding staat. En omdat ik weet dat satan alleen maar vernietiging, misère en ellende op het oog heeft, betekent dit dat ik een niet plezierige toekomst tegemoet ga. (Licht uitgedrukt!)
De rechtszaak begint en de aanklager opent het strafdossier en leest de aanklachten voor; welke wetten ik heb overtreden. De Rechter hoort de aanklager aan en kan niet anders dan mij schuldig te verklaren want ik heb gezondigd. En dat weet ik !
Dus, ik word de boeien omgedaan en ik zal de straf moeten ondergaan. Dit geldt voor iedereen.
----- Het vonnis; de uitspraak -----
De Rechter doet uitspraak op basis van wat in mijn strafdossier staat. En die straf (de doodstraf) blijft staan. Wat ik ook doe. Hoeveel spijt ik ook heb. Hoeveel ik ook huil, smeek en bid. En nogmaals: Net als in de Nederlandse wetgeving maakt het niet uit hoeveel goede dingen ik in mijn leven gedaan heb. En in Gods wetgeving is dat niet anders.
De Rechter kijkt of ik inderdaad schuldig ben aan het ten laste gelegde. En op basis daarvan spreekt hij het vonnis uit. Schuldig of onschuldig.
Er verandert niets meer aan de uitspraak van de Rechter. Er is geen hoger beroep mogelijk. Dit zou ook geen zin hebben want de bewijzen zijn zo overduidelijk dat niemand twijfelt aan de rechtvaardigheid van de uitspraak van de Rechter.
Sleutelwoord in wat ik hiervoor schreef is het woord ‘lijst met aanklachten’. De Rechter beoordeelt en veroordeelt mij op basis van die ‘lijst met aanklachten’. En ieder mens heeft zo een ‘lijst met aanklachten’.
----- Maar -----
Misschien dat de Rechter nog aan de aanklager zal vragen waar de ‘lijst met aanklachten’ is. Of welke aanklacht het OM heeft. Maar ook het OM, de aanklager, zal moeten toegeven dat er geen ‘lijst met aanklachten’ is.
In dat geval kan de Rechter niet anders dan vrijspraak uitspreken. En vrijspraak wil zeggen: leven!
----- De escape -----
De vraag is dus: Hoe krijg ik nu die ‘lijst met aanklachten’ leeg in mijn strafdossier, terwijl ikzelf ook wel weet dat ik veel gezondigd hebt? Is er een escape voor mij om onder de gerechtvaardigde straf uit te komen?
Ja zo een escape is er! De Rechter Zelf heeft een escape gegeven, namelijk het geloof in Jezus Christus (de Zoon van de Rechter).
Wanneer ik Jezus Christus als Redder en Verlosser aanneem en erken dat ik een zondaar ben en veel dingen fout heb gedaan, houdt dit in dat met het bloed dat Jezus Christus aan het kruis van Golgotha heeft laten vloeien, mijn ‘lijst met aanklachten’ wordt schoongemaakt. Het bloed van Jezus Christus is als gum die de potloodwoorden op het papier uitgumt. Er staat niets meer op dat papier. Er is niets meer te lezen van wat er stond. (Kol. 2:13-14).
En dát blanco papier zonder aanklachten gaat mijn strafdossier in. En dát blanco papier zonder aanklachten is het bewijs voor de Rechter waarop Hij mij niet anders dan vrijspreken kán.
----- De wet verandert niet -----
De wet die God Almachtig aan Mozes gegeven heeft bestaat dus nog steeds en is ook nog steeds geldig. Maar voor hen die Jezus Christus hebben aangenomen zal de uitwerking van die wet niet meer gelden.
Paulus leven was vóór zijn bekering inktzwart.
Mijn leven was vóór mijn bekering inktzwart.
Het leven van ieder mens die zich niet bekeerd heeft tot God Almachtig in Jezus Christus is inktzwart.
De Bijbel zegt dat er niemand is die goed doet. (Ps. 14:1, Ps. 14:3, Rom. 3:10). Dat ieder mens gezondigd heeft en dat ieder mens dus gedoemd zou zijn om veroordeeld te worden in de Rechtszaal van God Almachtig. En die veroordeling is heel simpel: dat is de doodstraf. Want dat is de enige straf die staat op overtreding van Gods wet. Of ik nu veel gezondigd heb of weinig, of ik nu zware zonden hebt begaan of lichte zonden; zonde is zonde.
Het Evangelie van Jezus Christus is dat God Almachtig in Jezus Christus de straf, die gold voor mij als mens, op Zich Zelf heeft genomen. Jezus Christus heeft vrijwillig aangeboden om te sterven in plaats van mij als de zondige mens. Jezus Christus stierf terwijl ik mag leven, terwijl ik eigenlijk had moeten sterven. Want ik had gezondigd en Jezus Christus niet.
Dat is Genade!
Want ik heb aan dit Evangelie van Jezus Christus helemaal niets bijgedragen.
En daarom heeft Jezus Christus mij gered omdat hij mij uit de klauwen van satan heeft losgescheurd. En Jezus Christus heeft mij verlost, verlost van al mijn zonden en ongerechtigheden. Deze hoef ik niet meer met mij te dragen. En daarmee ben ik dus onder de heerschappij van satan uitgekomen en teruggekeerd naar de heerschappij van God Almachtig in Jezus Christus.
Als je de Bijbel leest dan lees je over het volk Israël dat door God Almachtig onder grote wonderen en tekenen uit Egypte geleid werd naar het Beloofde Land. Het volk Israël heeft zelfs veertig jaar in de woestijn geleefd en iedereen die uit Egypte geleid was (op Jozua en Kaleb na), is gestorven in de woestijn. De generatie die het Beloofd land mocht ingaan is NIET dezelfde generatie die uit Egypte geleid werd.
Nu kun je dat hele verhaal in de Tora (de eerste vijf Bijbelboeken) lezen als een spannend verhaal. Maar er zit een diepere betekenis voor mij achter. Met hetgeen ik schreef over de Goddelijke Rechtszitting, ben ik door God Almachtig uit mijn Egypte geleid. God heeft bevrijd van mijn zondige leven, en mijn zondige leven was als een leven in slavernij. Zonde, verslaving, geweld, en noem maar op!
Maar God Almachtig heeft mij in de vrijheid gezet! Halleluja!
Als je je hele leven gevangen bent geweest en je komt ineens in de vrijheid dan moet je daar wel leren mee om te gaan. Ik moest leren om met de verantwoordelijkheden om te gaan die bij die vrijheid horen! En in mijn geval duurde dat meer dan tien jaar. Maar in het geval van het volk Israël duurde het zelfs veertig jaar.
Leren omgaan met de verantwoordelijkheden die bij de vrijheid horen heeft een karakterverandering tot gevolg. En karaktervorming kan lang duren. In het geval van een natie, een volk, kan het zelfs wel langer dan één generatie duren.